zaterdag 23 november 2013

Even terugblikken


Het is even geleden dat ik nog eens iets schreef op mijn blog. Het laatste bericht dateert alweer van een half jaar geleden. Toen had ik het voornemen om de dodentocht van Bornem (100 km) grotendeels hardlopend af te leggen. Dat bleek achteraf toch iets te optimistisch. Aanvankelijk zag het er heel goed uit. Enkele weken na de marathon van Zeeuws-Vlaanderen zat ik alweer op weekvolumes van boven de 90 km. Even daarna had ik wat minder tijd, maar begin juni vloog ik er weer hard in. Op 8 juni liep ik rond de 42 km in 10,7 km/u, de dag erna dik 44 km in 11,3 km/u en op dat moment voelde het alsof het heel weinig moeite kostte. De week erna liep ik nog eens 43 km, weer een week later nog eens 42 km. En toen was het opeens op. Op 29 juni probeerde ik nog een lange duurloop, maar meer dan 36 km zat er niet in. De weken erna heb ik amper gelopen; slechts twee keer liep ik met moeite 10 km. Het was duidelijk dat de 100 km (nog ) geen haalbare kaart was voor mij. 

Na een paar weken rust ben ik weer wat aan het trainen gegaan, maar wel iets minder fanatiek. Ik had ook nog niet echt een wedstrijd om naar toe te leven. Uiteindelijk heb ik beslist om toch nog een marathon te doen in het najaar. De keus viel op Etten-Leur. Relatief dichtbij en een grotendeels verhard parcours dus dat is ideaal. Wel verdeeld over twee rondes, iets waar ik niet zo van hou, maar goed. De laatste weken voor de wedstrijd had ik nog lekker getraind dus ik had me opgegeven voor startvak 1 (richttijd onder de 3u 30' en met een PR van 3u 30'19" niet geheel onmogelijk). Maar voor een PR moet wel alles kloppen. Aangezien ik enkele kilo's boven mijn streefgewicht bleef steken en de weersvoorspellingen niet zo gunstig waren dacht ik kort voor de start erover om maar gewoon rustig te vertrekken en kijken of 3u 45' mogelijk was. Gelukkig was het kort voor de start droog. In de regen lopen vind ik niet zo erg, maar met regen vertrekken of in de regen wachten vind ik verschrikkelijk. 

Het was niet zo druk in startvak 1, maar wel allemaal lopers met waarschijnlijk 3u 30' in de benen... en ik. Toch kon liep ik als vanzelf de eerste kilometers met een groepje mee dat op een schema zat van ruim onder de 3u 30'. Alle kilometers waren aangegeven met bordjes dus het was goed te volgen wat de gemiddelde snelheid was. De eerste 10 kilometer ging in ongeveer 48' 40", dik boven de 12  per uur dus en ook op het halvemarathonpunt zag alles er nog goed uit. De wind was hard die dag en het lukte niet altijd om in een groepje wat te schuilen. Daardoor was de tank toch iets eerder leeg dan gepland. Vanaf 30-32 km voelde ik de vermoeidheid toenemen en op 36 km (nog altijd op een schema van rond de 3u 30') moest ik voor de eerste keer een stukje wandelen. Joggen-wandelen-dribbelen-wandelen enz. Zo schieten de kilometertijden wel de lucht in. De eerste 21 km deed ik ongeveer 4'52" over één kilometer, de laatste 11 kilometer ging in 6'36" per kilometer. Uiteindelijk werd de eindtijd 3u39'37". En achteraf was ik daar best tevreden over.

Morgen is de Zakloop in Nisse. Een halve marathon die ik enkele jaren geleden liep in 1u 40'23" op een dag met weer veel wind. Voor morgen zijn de vooruitzichten iets beter, wel vrij koud, maar niet al te veel wind en droog. Ik heb een hele week niet gelopen en de afgelopen weken was het ook niet zo geweldig qua training, maar ik denk dat een tijd rond de 1u 45'er wel in moet zitten...

donderdag 23 mei 2013

Richting 100 km.

Vorige maand liep ik voor de vierde keer de Marathon Zeeuws-Vlaanderen. In totaal mijn 7e marathon. Bijzonderheid was deze keer dat de richting omgekeerd was, dus de finish in Hulst. Dat betekende ook dat het tweede deel deze keer het zwaarst was. Na het halve marathon punt lagen nog enkele lange stroken onverhard: eerst nog een stukje van de fortenroute, dan na Heikant het waterwingebied, een klein stukje asfalt en dan weer het bos bij Clinge in. Na het bos richting Hulst nog over de strook tussen de Binnen- en Buitenvest en dan de wallen op. In het tweede deel zat de wind ook voor een groot deel op tegen, dat maakte het nog iets zwaarder.

Mijn bedoeling was om ergens onder de 4 uur te finishen en behoudend te starten. Ik had gepland om net iets onder de 2 uur op het halve marathon-punt door te komen en daarna te kijken of ik nog iets zou kunnen versnellen in het tweede deel. Het eerste deel ging vrij gemakkelijk en zodoende kwam ik op 1 uur 55' door op het 21 km-punt. Ik voelde dat er nog wel wat meer in zat dus ik probeerde een beetje te versnellen, zonder te forceren want ik wilde deze marathon niet helemaal tot het gaatje gaan.  De periode voorafgaande aan deze marathon liep ik meestal slechts twee keer per week, met weinig intervaltraining en snelheidstraining, dus een PR zou er waarschijnlijk toch niet inzitten.

Met de inhoud zat het echter wel goed. In de tweede helft zag ik dat veel lopers het moeilijk kregen, waarschijnlijk iets te snel gestart, want de omstandigheden waren toch vrij zwaar, met name door de wind. Ik werd zelf ingehaald door enkele estafette-lopers, maar geen één marathon-loper, terwijl ik zelf wel redelijk wat lopers inhaalde. Na ongeveer 31 km kreeg ik dorpsgenoot Berry in het vizier, terwijl hij na 21 km nog zo'n 4 minuten voor me lag. Vrij vlot ging ik er voorbij, ik zag dat hij het niet zo gemakkelijk had, terwijl het bij mij nog relatief soepel ging. Enkele kilometers verder begon ik toch ook te merken dat het steeds moeilijker werd om de snelheid die ik had vast te houden. Een hartslagmeter had ik niet om, maar ik merkte dat elke kilometer de hartslag steeg. Met nog vijf kilometer te gaan kwam af en toe het woord "wandelen" in me op, ik moest mezelf dwingen om niet te verslappen. Het stuk op de wallen was enorm zwaar, hier had de wind helemaal vrij spel. Het laatste rechte eind wilde ik er nog een eindsprint er uitpersen, maar ik kon het niet meer opbrengen. Mijn eindtijd werd uiteindelijk 3 uur 46' 12" , geen supertijd, maar ik was er dik tevreden mee. Een half uurtje later dronk ik een biertje en voelde me al een heel eind hersteld.

De dagen na de marathon voelde ik me een stuk minder moe dan dat ik gewend was. Na een week had ik weeral 60 trainingskilometers in de benen, de twee weken erna liep ik zelfs meer dan 90 km in de week. De komende tijd zal vooral in het teken staan van kilometers maken, want mijn voornemen is om deze zomer de Dodentocht in Bornem te lopen (100 km). Het schema ligt klaar, maar het valt niet mee om aan het beoogde weekvolume te komen. Ten eerste is het weer ronduit slecht de laatste tijd; veel regen en kou waardoor ik het doordeweeks 's avonds slecht kan opbrengen om nog te gaan lopen. In het weekend gaat dat iets beter, maar als je vier uur door de regen lopen zoals ik afgelopen zondag deed, denk je onderweg wel eens: "wat voor rare hobby heb ik uitgekozen?"...

Deze week heb ik helaas weinig tijd om te lopen, hopelijk kan ik volgende week nog eens richting de 100 km gaan (in een week wel te verstaan!).


donderdag 3 januari 2013

2013

Een nieuw jaar, dus nieuwe doelen. Aangezien ik nog maar enkele jaren loop is er nog veel te winnen. Ik kan mezelf op een hele en halve marathon nog wel wat verbeteren, denk ik. Mijn beste marathontijd liep ik dit jaar tijdens de marathon van Zeeuws Vlaanderen. Een prachtig parcours, maar met een paar flinke stukken onverhard die hier en daar ook nog wat drassig waren, niet ideaal voor een snelle tijd. Bij mij beste halve marathon lag het parcours er zelfs nog beroerder bij. Dat moet dus een stuk sneller kunnen. Vandaar dat mijn eerste voornemen was om in Rotterdam een snelle marathon te lopen (streeftijd rond de 3 u 20'), maar intussen ben ik daar ook weer vanaf gestapt.

Mijn hoofddoel dit jaar wordt een 100 km lopen en in de voorbereiding daarop wil ik me niet af laten leiden door streeftijden op kortere afstanden. Waarschijnlijk loop ik dus niet in Rotterdam, maar wellicht start ik wel in de marathon van Zeeuws Vlaanderen. Niet voor de snelle tijd, maar als duurlooptraining. Die verbetering op de marathon kan later nog wel, misschien zelfs eind dit jaar op de marathon van Oostende. Ik liep daar in 2011 heel erg lekker, in een groep met pacer richting een tijd van 3 u 45' , maar ik had in het slotstuk nog genoeg over om te versnellen naar 3 u 41'. Het parcours is supersnel en elke kilometer staat precies aangegeven dus als ik eind van het jaar een beetje in goede doen ben moet daar de 3 u 20' haalbaar zijn.

Maar eerst natuurlijk 100 km. Die afstand zit al enige jaren in mijn hoofd, misschien zelfs al van voor de dag dat ik mijn eerste marathon liep. En in 2012 heb ik het eindelijk aangedurfd om dit doel hardop uit te spreken. Dat is voor mij een heel belangrijke stap, want als ik dat doe is er voor mij geen weg meer terug. Het komt er dus nu op aan om gedisciplineerd naar dit doel toe te werken. Dat betekent veel lange duurlopen in wedstrijdtempo en dat is dus verschrikkelijk traag. Voor iemand met zo weinig geduld als ik een enorme opgave. Eén geluk: er is nog zo'n maf figuur in mijn omgeving met hetzelfde doel: Angelo Roelandt. Behalve een flink duursportverleden heeft hij zijn positieve instelling en een grenzeloos fanatisme mee. Da's mooi om me een beetje aan op te trekken, want de afgelopen dagen heb ik mezelf ook wel eens afgevraagd waarom ik aan zo'n avontuur wil beginnen.

Net voor de kerstvakantie liep ik vrij gemakkelijk in een duurloop de marathonafstand in 4 u 06'. Ik was voorzichtig begonnen, maar na 3 uur had ik nog veel over om te versnellen, dat gaf dus veel vertrouwen. Nu, enkele weken later is dat vertrouwen toch voor een groot deel weg. Vorige week begon ik aan een duurloop met als doel de 50 km-grens aan te tikken, maar dat liep veel anders. Al vrij vroeg voelde ik dat het niet mijn dag was en na 37 km was het helemaal voorbij: mijn rug deed zoveel pijn dat ik besloot te stoppen. Sindsdien heb ik niet meer gelopen en mijn rug doet eigenlijk nog steeds pijn. Maar ik merk wel dat het betert als ik wat beweeg, dus voorlopig moet ik maar eens iets minder achter de computer zitten.



zaterdag 6 oktober 2012

Kustmarathon

Vandaag was mijn debuut op de Kustmarathon, of Marathon Zeeland zoals het officieel heet. De omstandigheden zouden gunstig zijn dit jaar, dus dat was mooi meegenomen. Vorig jaar oktober wist mijn collega Johan al te melden dat het laagwater zou zijn. De laatste week hield ik ook de weersverwachting goed in de gaten. Eerst keek ik enkel op www.buienradar.nl, later ook op www.windguru.com en www.weeronline.nl en ook nog een aantal regionale weergoeroe's. Het weer zag er prima uit: een briesje uit het noord- tot noordwesten, een temperatuur van rond de twaalf graden en vanaf een uur of één droog. Vanmorgen werd het zelfs nog beter: al om elf uur hield het op met regenen: we konden droog vertrekken.

Anticiperend op de goede omstandigheden werd met collega's Johan en Jochem (beiden ook met parcourservaring) het strijdplan gesmeed. Johan wilde graag in zijn zesde Kustmarathon voor het eerst onder de 4 uur eindigen, en voor mij moest dat er gezien de goede voorbereiding ook zeker inzitten. We spraken af dat Jochem ons op 10 km zou afleveren in een tijd van rond de 52 minuten. Hij zou daarna zelf uitstappen, want een hele marathon lopen zat er door een recente blessure niet in. Dit zou ons  (met wat ingecalculeerd verval) op een eindtijd van rond de 3u45' moeten brengen.

De start was leuk: veel mensen die ons de eerste kilometers toejuichten. Na enkele kilometers de duinen in op de kop van Schouwen. Met gelijk al een paar flinke klimmetjes. Zo heb je voor je de Oosterscheldekering op loopt al zo'n 50 hoogtemeters inde benen. Jochem kwijtte zich prima van zijn taak en we klokten 51'15" op het 10 km-punt. Iets te snel dus, vooral omdat het een bruto tijd was. Wij gingen pas na ruim een minuut over de startlijn, dus netto werd de tijd nog iets onder de 50 minuten. Dat zou in een vlakke marathon een tussentijd zijn voor een eindtijd van 3u31'. Johan had goed door dat dit een beetje te gortig was en hield in. Ronald (mijn baas en houder van het bedrijfsrecord op de Kustmarathon met 3u51') en ik vonden het ook iets te snel maar vielen al gauw in een lekker lopend groepje. Na 15 km kwamen we door in 1u15'. Nog altijd te snel, maar nog niks aan de hand want we liepen nog lekker.

Dat veranderde snel: op km 16 voelde ik uit het niets enorme steken in mijn zij aan de kant van de lever. Dit is me wel eens vaker gebeurt in trainingsloopjes, maar zelden binnen de 20 km. Meestal loop ik hier vrij gemakkelijk doorheen, soms moet ik ook wat ademhalingstruukjes erbij halen. Dat hielp vandaag helemaal niks. Mijn tempo moest ik even laten zakken en het groepje moest ik laten gaan.

Na 19 km het strand op. De pijn in mijn zij was nog niet verminderd en banjerend door het losse zand richting de waterlijn kostte al heel wat moeite. Hier en daar werd ik al ingehaald en een groot deel van het strand liep ik alleen. De steken in mijn zij werden minder, maar versnellen op het strand zat er niet in. Ergens rond de 26 km kwamen we het strand af. Ik had het nog steeds moeilijk en het parcours werd er niet makkelijker op. Richting de watertoren van Domburg liepen we door de duinen met daarin weer enkele flinke klimmetjes. Langzamerhand ging mijn tank leeg en rond het 30 km-punt moest ik al noodgewongen gaan wandelen. Het schema 3u45' had ik ook al losgelaten maar binnen de 4 uur finishen zou hopelijk nog haalbaar zijn.

Enkele weken geleden had ik het laatste stuk van het parcours al gelopen dus verrast was ik niet door "de hoge Hil" en de trap bij Weskapelle. Tijdens mijn training liep ik er vrij makkelijk tegen op, maar deze keer ging het een stuk minder. Ik bleef achter me kijken, want er zou nog een pacer onderweg zijn met een richttijd van 4 uur. Zolang die me niet passeerde zat ik goed, dacht ik. Op de dijk van Zoutelande was hij nog niet in zicht dus ik rekende me al een beetje rijk, maar het laatste straatje was toch nog iets langer dan gepland. Ruim over de 4u01'kwam ik binnen. Bruto-tijd, dat wel, maar ik vermoedde al dat mijn netto-tijd ook boven de 4 uur zou zitten. Dat bleek een goed vermoeden, want vanavond vond ik op internet de officiele uitslag. Ik was 483e van de 1405 finishers met een netto tijd van 4u00'29". Een beetje teleurgesteld was ik wel, maar nu het wat bezonken is kijk ik wel terug op een bijzondere marathon.

Volgend jaar weer... denk ik.



zaterdag 29 september 2012

Aftellen

Het aftellen naar mijn eerste Kustmarathon (of Marathon Zeeland zoals het officieel heet) is begonnen. Volgende week zaterdag is het zover: 42 km met vermoedelijk tegenwind over trappen, asfalt, strand en duinpaden. Met het aftellen begint voor mij de spanning ook toe te nemen want ik heb een duidelijk doel: finishen binnen de 4 uur. En hoe goed mijn voorbereiding ook was en hoe lekker ik de laatste weken ook loop... je weet het maar nooit. Het weer en de vorm van de dag kunnen nog behoorlijk roet in het eten gooien. Bovendien mag er niet meegefietst worden en dat ben ik ook niet gewend. Ik moet dus zelf een gordel aan met drinkflesjes, want aan bevoorrading om de 10 km heb ik toch echt te weinig.

Vorige week heb ik het laatste stuk van het parcours gelopen. Het strand viel me mee, bij laag water mag dat geen probleem zijn. De heuvelachtige schelpenpaadjes over de duinen daarentegen waren toch pittiger dan ik verwacht had. En dan de trappen op 30 en 36 km... ook niet misselijk. Ik kon er hardlopend tegenop, maar ik weet nog niet of dat in de wedstrijd een verstandige optie is. Maar goed, daar kan ik me onderweg vanaf Burgh-Haamstede nog het hoofd over breken.

Uiteraard heb ik ook weer flink mijn best gedaan om wat af te vallen. Nou ja, flink mijn best gedaan is eigenlijk wel een beetje een understatement. Ik ben er nogal obsessief mee bezig moet ik bekennen. Dagelijks sta ik op de weegschaal, meestal zelfs meerdere malen. Al weken eet ik geen friet en drink ik geen  bier en ik eet enorm veel kwark. Van Optimel, want daar zitten bijna geen caloriën in. Verder veel fruit en vis. En beetje bij beetje gaat de weegschaal de goede kant op om op de wedstrijddag hopelijk onder de 75 kg uit te komen...

Ondertussen zie ik in mijn omgeving steeds meer mensen die zich gaan richten op trails en/of ultralopen. Vaak gaan die twee ook goed samen. Na de marathon wil ik me ook op langere afstanden gaan richten want ik wil ook eens een 100 km lopen. Eigenlijk had ik dat gepland voor volgend jaar, maar ik heb nog geen flauw benul hoe ik dat qua training moet aanpakken. Misschien eerst maar eens voor een 50 km trainen.

woensdag 1 augustus 2012

Vakantie

Zomer, mijn favoriete tijd van het jaar. Ook al werkt het weer niet altijd even hard mee, het is in elk geval vroeg licht en laat donker. Ideaal voor lange duurlopen. Het zijn mijn favoriete trainingen, die ik bij voorkeur 's morgens vroeg doe, bij het eerste licht rond een uur of zes. Dat wil zeggen: als ik vrij ben. Om voor het werk (ik begin meestal rond 7.00 uur) al te rennen gaat me net te ver.

De maand juli begon voor mij geweldig goed met een lange duurloop van 35,9 km. Dat was min of meer per ongeluk want bij mijn laatste kilometers op weg naar huis kwam ik nog een groepje lopers met enkele bekenden tegen, waar ik me nog een eindje bij aansloot. Meestal loop ik alleen, maar met dit groepje meelopen was ook leuk. Het tempo was laag, en al kletsend ben je zo een paar kilometer verder, zonder dat je in de gaten hebt dat de vermoeidheid toch wel in de benen zit.

Daarna een weekje naar Frankrijk, met nog twee gezinnen met kinderen (de "Poeckies"). Ontzettend leuke vakantie, prachtig weer, goed gezelschap en (ook mooi meegenomen) een  geweldig gebied om te lopen. We zaten in Saint Palais Sur Mer, de naam zegt het al, vlak bij zee dus. Langs de zee liepen prachtige paden over de rotsen, heuvels op en af, met hier en daar een bruggetje en trappen. Tussendoor kleine strandjes van 500 meter maar ook eentje van wel 5 km. Perfect trainingsgebied in de voorbereiding op de kustmarathon. Ondanks de biertjes die bij dit lekkere weer 's avonds goed smaakten kon ik het drie keer opbrengen om 's morgens vroeg op te staan om lekker ver te gaan rennen. Ik kon op dit onbekend terrein met al die kronkelpaadjes de kilometers niet precies nameten op Google Earth, maar voorzichtig geschat kwam ik op twee duurlopen van 30 km en één van 28 km op een week. Samen 88 km, en bij thuiskomst kon ik het dan ook niet laten om nog eens een eind te lopen om een weekvolume van meer dan 100 km te halen. Voor mij een mijlpaal, want dit was me nog nooit eerder gelukt! En zonder noemenswaardige pijn in de benen. Ook de week erna deed ik zonder problemen duurlopen van 34 en 35 km. Weer een week van 100 km, en weer geen klachten! Goed voor het zelfvertrouwen, maar deze week ga ik toch een stapje terug doen, tenminste wat kilometers betreft.

Vandaag deed ik voor het eerst sinds heel lang weer een intervaltraining. Ik doe ze niet graag, want ze zijn altijd zwaar. Mijn tien-weken-schema richting Kustmarathon gaf aan dat er 4 x 2000 meter stond in 9' 15" met 4' rust. Dit schema is eigenlijk als voorbereiding op een marathon in 3 u 15' , maar in de Kustmarathon hoop ik net onder de 4 uur te eindigen. Ik zou ook vijf trainingen in de week moeten doen, wat gezien mijn beschikbare tijd niet heel realistisch is, dus ik gebruik het schema meer als een soort van leidraad.

Bij dit soort trainingen vind ik het altijd moeilijk om de snelheid goed in te schatten en dus begon ik (weer) te snel. Mijn eerste 2000 meter ging zodoende in 8'40". Vermoeiend, maar na 4 minuten was ik voor mijn gevoel een heel eind hersteld en ik daagde mezelf uit om de volgende 2000 in 8'30" te lopen. Dat lukte prima; ik kwam uit op 8'25" en de derde ging in 8'20". Gelukkig nog maar eentje, en al was het beste er al een heel eind vanaf, die laatste moest toch als snelste gaan. Onderweg rekende ik een beetje (om de 200 meter staat een streepje op de weg) om te kijken of ik richting 8'00" kon gaan. Helaas was dit net te hoog gegrepen en finishte ik in 8'05". Al met al was ik dik tevreden. De rest van het schema is enkel maar kilometertjes maken...een eitje!




vrijdag 18 mei 2012

Marathon Zeeuws-Vlaanderen

Dit weekend stond mijn 5e marathon op het programma, de marathon Zeeuws-Vlaanderen. Bekend terrein, want ook in 2010 en 2011 liep ik deze wedstrijd. Een mooie wedstrijd ook, niet alleen omdat het een soort van thuiswedstrijd is, maar ook door de route die voor een groot deel onverhard is door bossen, een waterwingebied, en over een deel van de fortenroute. 

De voorbereiding op deze dag was bijzonder goed. Ik heb mezelf ongeveer zes weken aan een streng dieet onderworpen. Dat wil zeggen geen friet (slechts één keer heb ik me laten gaan), geen alcohol (slechts één glas Cava bij een speciale gelegenheid), veel vis, kwark, eieren, fruit, minder brood en vooral ook veel water drinken. De komkommer kwam me op den duur de neus uit! Maar het was gelukkig niet voor niks: op M-day gaf de weegschaal 75,6 kg aan, zo'n 2,5 kg minder. Dat zou een tijdwinst van dik zeven minuten moeten betekenen! Ook in mijn trainingen heb ik mezelf niet gespaard. In maart en april heb ik veel lange duurlopen gedaan, waarvan een deel in hoger tempo dan normaal. Bovendien heb ik ook nog redelijk wat gefietst. Niet in een hoog tempo, maar voor mijn gevoel was het vooral goed voor mijn herstel. En fietsen is natuurlijk ook gewoon leuk!

Door de goede voorbereiding en een goede halve marathon vier weken eerder in Philippine blaakte ik van het zelfvertrouwen. Ik durfde zelfs hardop te denken aan een tijd van 3 uur 30'. Dat elf minuten sneller zijn dan mijn PR, gelopen vorig jaar in Oostende (bij ideale omstandigheden en een perfect parcours). In Philippine was ik te hard vertrokken, deze fout wilde ik deze keer niet maken. De bedoeling was dus om in de buurt van de 11,6 km/u te vertrekken, na ongeveer 15 km eens te bekijken hoe alles aanvoelt, misschien daar al iets te versnellen en pas in het tweede deel echt de gang er in te zetten. Het liep helaas iets anders...

In tegenstelling tot voorgaande jaren mocht er op de onverharde delen niet meegefietst worden. Omdat de eerste 14 km slechts een paar kilometers asfalt bevat had ik met Marco afgesproken dat hij me in Heikant met de fiets zou opwachten. Met mijn schema in mijn hoofd wist ik vrij nauwkeurig hoe laat ik daar aan zou komen en de eerste 14 km kan ook wel zonder begeleiding vond ik. Een riem met twee drinkflesjes en een energie-gel moest voor het eerste stukje wel voldoende zijn. Mijn pet besloot ik deze keer thuis te laten. Ik ging van huis met een beetje een gevoel dat ik iets vergeten was, maar ik dacht dat het vooral van de zenuwen was. Een kwartiertje voor de start kwam ik erachter dat dat niet zo was: ik was mijn horloge vergeten!  Ik had gelezen dat er de eerste 5 km bordjes per kilometer zouden staan, zo zou ik mooi mijn snelheid kunnen corrigeren, maar dat werd nu dus wat lastiger. Nog geen man overboord: ik probeerde een beetje mijn snelheid te schatten en na 5 km informeerde ik eens naar de tijd bij een medeloper. Ongeveer 24'50" ... iets te snel dus, ik probeerde iets te vertragen en vroeg op het 10 km-punt ook aan iemand de tijd: 45' (!!!). Dat zou betekenen dat ik nog enorm versneld was. Onmogelijk leek mij. Later las ik op iemands weblog dat het bordje van de 5 km veel te laat stond. Ik ben daarna even op de website van de marathon gaan kijken en kreeg het idee dat het 5 km-bordje inderdaad ongeveer 400 meter te ver stond en de 10 km-markering een paar honderd meter te vroeg! Probeer dan maar eens vlak te lopen!

Op Heikant stond mijn broer te wachten en die zei me dat ik 5 minuten eerder was dan gepland.  Enorm veel, die tijd zou ik later vast dubbel terug betalen. Inderdaad, op het halve marathon-punt voelde ik al dat ik niet meer zo scherp zat als dat ik zou willen op dat punt. Het tempo kon ik nog volhouden, maar het begon al een beetje moeilijker te worden. Tussen 21 en 25 km hoorde ik in de verte twee Belgische lopers aankomen, druk kletsend alsof ze met een zondagochtendloopje bezig waren. Keuvelend over vlamdetectie-apparatuur en blussystemen liepen ze me voorbij net voor Drieschouwen. Daar begon ook een nieuw deel van de route. Langs de golfbanen en het crossterrein, een stukje asfalt en dan een stuk vlak langs de Axelse kreek. Leuk zo'n nieuw stuk, mooi ook, maar door de overvloedige regen van de afgelopen dagen ook enorm zompig en dus zwaar.

Doorkomst op 30 km


Verderop richting Schapenbout liep een stuk beter, ook al was het licht heuvelop. In de verte kon ik een speaker horen, en ik kreeg de indruk dat er veel mensen stonden. Dat geeft moed en dus liep ik op het oog soepel door het 30 km-punt. Even verderop stonden Vera en Max mij op te wachten dus ik zette mijn meest vrolijke gezicht op terwijl ik eigenlijk al een heel eind leeg was. Maar goed, ik zat nog steeds onder een schema dat mij in de buurt van 3 uur 30' zou brengen dus ik mocht nu niet opgeven. Hoeveel ik precies voor lag op mijn schema wist ik niet, maar veel kon het niet zijn, niet verslappen dus! Richting Margrette zat een man met een accordeon vrolijke muziek te spelen en al kreeg ik er maar flarden van mee: het was wel leuk. Iets verder stond een klein groepje mensen, maar zo gauw er een loper in zicht kwam begonnen ze enthousiast te juichen. Door dit enthousiasme kreeg ik toch weer een kleine oppepper. Het fietspad op richting Spui naar het eiland van Meijer. En dat lag er niet fantastisch bij. Het is geen lang stuk, maar na bijna 35 km is elke meter zompig gras er één te veel. Niet al te fris meer kwam ik het eiland af... nog 7 km. De wind was ondertussen ook wat aangetrokken en die stond pal op de kop.

Het lopen ging zwaarder en zwaarder. Eigenlijk wilde ik een stukje wandelen maar dan zou de geplande eindtijd helemaal niet meer in zicht komen. En zie jezelf nog maar eens op gang te slepen na een stuk wandelen. Niet doen dus. Ik maakte mezelf wijs dat er niemand zo goed kan afzien als ik en dus bleef ik doorrennen. Bij het ziekenhuis stonden Max en Vera weer. Ik kon niet meer camoufleren dat ik het moeilijk had, Max riep dat ik nog altijd een paar minuten voor op schema lag en met nog een dikke 5 km te gaan zou het misschien nog kunnen... Ik zocht naar de bordjes die de laatste 5 km zouden aangeven. Voor mijn gevoel kon het niet ver meer zijn, maar zolang ik geen bordje zag durfde ik niet te hopen dat we bij de 40 km zouden zijn. Eindelijk, in de verte een bordje. "Laat er 40 op staan", dacht ik en ik vreesde dat er minder op zou staan. Nee hoor 40 km, stond er op. Ik vroeg aan Marco hoe laat het was. 14:20 uur , dus dat zou wel heel krap worden. Versnellen lukte nog nauwelijks, ik hijgde als een paard en nu deed mijn hele lijf zelfs zeer, benen, rug, buik, hoofd... Nog twee bochten. Hoewel ik de loper voor me naar links had zien gaan reageerde ik op het "rechts!" van de verkeersregelaar, bedoeld voor mijn broer op de fiets. Dom natuurlijk, weer enkele kostbare seconden kwijt. In de laatste bocht zag ik de klok op 3u29' staan, pas een eind verder zag ik de seconden wegtikken... 57, 58, 59... en ik moest nog zo'n 70 meter. 


kapot na de finish!

De 3u30'-grens werd net niet geslecht...eindtijd 3u30'19". Wel een vet PR, bij vrij zware omstandigheden, dus toch dik tevreden. Ik was heel diep gegaan en echt helemaal kapot na de finish.  En toch, een uur later was ik al aan het bedenken dat een snel parcours (Rotterdam) en nog een paar kilo minder me richting 3u15' kan brengen. Wie weet in 2013...