donderdag 26 mei 2011

Op weg naar de 4e marathon

Al weer lang geleden dat ik nog eens op mijn blog schreef. Na de marathon van Zeeuws Vlaanderen was er ook niet veel nieuws te melden. Ik herstelde gelukkig vrij snel: na negen dagen liep ik weeral een duurloop van 23 km. Dat was vorig jaar wel even anders, want toen duurde het vier weken voor ik weer aan een duurloop van boven de 15 km toe was.



Omdat het herstel zo goed verliep kwamen de plannen voor de volgende marathon ook snel. Even de kalenders van België en Nederland bekeken en het was vrij snel duidelijk dat er maar één marathon in aanmerking kwam: die van Torhout op 17 juni. De andere marathons in Nederland en België waren meestal verder weg, maar het tijdstip van vertrek gaf de doorslag: 8 uur 's avonds. Finish dus hopelijk rond middernacht. Bovendien een vlak en goed verlicht parcours. Met alle warmte van de afgelopen weken vond ik het wel een fijne gedachte dat er in elk geval niet op het warmst van de dag gelopen moest worden.


En vanavond is het dus zover. Zoals gewoonlijk ben ik de laatste dagen een beetje afwezig. Vandaag een vrije dag om me toch een beetje op het gemak voor te bereiden. En dus ook veel tijd aan alles te twijfelen.


Komt deze marathon niet te vroeg, slechts negen weken na de vorige? Gaat het regenen of wordt het warm? Gaan mijn benen zich goed houden vanavond? Krijg ik geen last van blaren zoals enkele weken geleden? Hoe zal het gaan op mijn (vanwege de blaren nog gauw aangeschafte) nieuwe schoenen? Ben ik voldoende getraind? Heb ik voldoende gerust? Hoe zal het gaan met die kleine ontsteking aan mijn teen? Ben ik niet een paar kilo te zwaar?


Met zoveel twijfels kan je je doelen ook niet te hoog stellen. Ik zou graag nog eens onder de vier uur lopen maar ik heb besloten om vooral te proberen in een vlak tempo te lopen en dit zo lang mogelijk volhouden zonder te wandelen. Lukt dat onder de vier uur dan is dat mooi meegenomen, maar ik probeer deze marathon vooral als een lange duurloop-training te benaderen.


In elk geval zal ik proberen om de eerste helft toch ook een beetje te genieten, want in het tweede deel lukt dat meestal niet meer!


maandag 18 april 2011

Logus Marathon van Zeeuws Vlaanderen


Eindelijk was het zover: de Marathon van Zeeuws Vlaanderen. Ik had er lang naar toegeleefd. Sinds Carnaval bijna geen alcohol, goed getraind, gezond gegeten en geprobeerd om genoeg rust te nemen. Een prima voorbereidingstraject dus. En dat zou moeten resulteren in een prima marathon. Vorig jaar was ik (in mijn allereerste marathon) net binnen de 4 uur geëindigd, dit jaar (mijn 3e marathon) zou een snellere tijd wel mogelijk moeten zijn. Optimistisch als altijd dacht ik dat een tijd van rond de 3 uur en 50 minuten wel moest kunnen.

De week vooraf had ik het vrij druk op het werk, veel lopen, veel staan en mijn benen voelden ook al de hele week vermoeid. Verder heb ik tijdens de marathon ook wel een paar fouten gemaalt. Om te beginnen de start. Ik wilde zeker niet te snel vertrekken dus ik stond nogal achteraan in het startvak. Maar dat resulteert er wel in dat je de eerste 2 km amper 9 km/u kan lopen. Daarbij al een noodzakelijke sanitaire stop na 3 km en je loopt direct al 3 minuten achter op je geplande schema. Verder was het vrij warm, warmer dan ik had verwacht. Onderweg veel gedronken, dus dat was op zich wel goed (met dank aan Marco die weer meefietste!). De sponzen had ik vorig jaar overgeslagen en in eerste instantie was ik dat nu ook van plan. Totdat ik een loper zag die de spons in zijn nek had gelegd, onder zijn shirt geklemd. Dat leek me wel handig met dit weer. In Axel bij de bevooradingspost volgde ik zijn voorbeeld. Slecht plan, zo bleek: de spieren in mijn nek en schouders verstijfden helemaal. Op dat moment zat er zo'n beetje 25 km op en ik zat nog op een schema van onder de 4 uur. Toch vermoedde ik daar al dat het er niet in zat vandaag. Mijn heup voelde ik al een tijdje en ik wist dat er onherroepelijk een moment zou komen dat ik zou moeten wandelen. Vorig jaar was dat rond de 33 km bij het eiland van Meijer. Dat moest dit jaar toch beter gaan. Gelukkig, het eiland van Meijer kwam ik goed over, maar wat een slecht weggetje vanaf daar terug naar het fietspad. Ik wist dat een eind verder Vera, Max en Kim zouden staan om mij aan te moedigen.Daar verslappen was dus ook geen serieuze optie. Mijn benen protesteerden redelijk, maar tot een eindje voorbij het 35 km-punt hield ik het vol. Ik zat daar ongeveer op een tijd van 3 uur 20, en met nog 7 km te gaan wist ik dat ik dus niet binnen de 4 uur zou finishen, tenzij ik in één stuk zou kunnen blijven hardlopen. Helaas, dat was toch teveel van het goede.

Tandsjen Bei stond net als vorig jaar net voor de finish te spelen. Vera, Max en Kim stonden me ook op te wachten met bloemen en een medaille (van de Graafjansfeesten 2008, dankjewel Kim!). Die kon ik op mijn gemak in ontvangst nemen, want de tijd deed er toch niet meer toe. Tandsjen Bei had intussen Spidi ingezet, ik zette aan voor de laatste 200 meter en heel Tandsjen Bei liep (spelend) mee tot aan de finish. Dat was natuurlijk wel super. Frank haalde me zelfs met sousafoon over zijn schouder in!

Geen supertijd dus: 4:10'43", in eerste instantie een beetje teleurgesteld, maar een dag later kijk ik toch vooral met een goed gevoel terug. Het evenement was goed georganiseerd, het parcours is schitterend, ik werd aangemoedigd door vrouw en kinderen en tot slot word ik door mijn eigen dweilband de finish overgeblazen. Geweldig, toch.

woensdag 30 maart 2011

Oeps, te ver...

Na de 30 km vorige week stond dit weekend mijn langste training voor de marathon op het programma: 32 km. Vorige week ging het niet zo naar mijn zin, de laatste kilometers was afzien, dus ik zag nogal op tegen deze laatste lange duurloop. Bij het eerste licht om 7 uur vertrok ik. Met vorige week nog in mijn achterhoofd besloot ik vooral traag te lopen, om niet voortijdig opgebrand te zijn. Brug over langs het kanaal richting Sluiskil. Aan de hand van de hectometerpaaltjes stelde ik mijn snelheid vast op 10,2 km/u. Die zou op het eind vast nog wel zakken dus ik besloot dit tempo aan te houden. Sluiskil voorbij, onder de brug en er daarna over, Tractaatweg over naar Spui, Margrette, dwars door Axel langs Drieschouwen naar Zuiddorpe via de Muis (ik wist tot voor kort niet van het bestaan van de Muis, maar op Google Earth leer je nog eens wat). Daarna richting de Sterre en langs de Oude Polder naar de Langelede. Daar de Molenstraat in. Vooraf had ik mijn route niet nagemeten en het leek me nog wat aan de korte kant dus ik besloot nog een lusje eraan te breien: via de Stekkerweg naar de Grens en door de Vissersverkorting terug.

In de Vissersverkorting bedacht ik dat ik bijna terug thuis was, maar ik was nog niet steenkapot. Daar nog maar een klein beetje versneld dan. Thuis aangekomen stond mijn stopwatch op 3 uur en 18 minuten. Ik vermoedde dat ik wel ongeveer 10 km/u had gelopen, dus dat zou zo'n 33 km betekenen. Maar nameten op Google Earth leerde dat ik er precies 35 had gelopen! Ik was dus ongemerkt onderweg nog wat versneld.


Maandag lekker de benen laten verzorgen, dinsdag gerust, vandaag op het gemak ruim een uur gelopen met enkele versnellinkjes onderweg. Ging prima, dus op het eerste zicht geen vuiltje aan de lucht... Toch nog een klein tegenslagje: Marco belde net dat hij misschien niet kan meefietsen bij de marathon want het jeugdteam waar hij elftalbegeleider (of heet dat nog altijd trainer?) is kan die dat dag kampioen worden. Maar het kan ook een week eerder of later zijn, of zelfs helemaal niet. Het zou dus gunstig zijn (voor mij) als ze de week voor de marathon verliezen, want dan kunnen ze de week erna nog geen kampioen worden. Voor de duidelijkheid: die redenering komt van Marco, niet van mij.

donderdag 24 maart 2011

Laatste loodjes

De marathon van Zeeuws Vlaanderen komt dichterbij. Nog enkele weken dus langzamerhand moet ik er klaar voor zijn. Komende zondag staat mijn langste duurloop in de voorbereiding op het programma. 32 km, wat in mijn geval neerkomt op zo'n 3 uur lopen. Spannend, want mijn vorige lange training ging niet heel erg goed. Vorig weekend liep ik 30 km, maar de laatste kilometers gingen niet meer zo soepel. Mijn drank was op en mijn benen begonnen steeds meer pijn te doen. Aan de andere kant voelde ik wel dat het conditioneel wel goed zat.
De problemen met de benen zijn eigenlijk tijdens carnaval ontstaan denk ik. Lange dagen, van café naar café, veel staan, veel spelen en ja, ook veel bier natuurlijk. En net iets te weinig nachtrust. Tijdens carnaval heb ik dan ook niet gelopen. Mijn planning was om donderdag na carnaval weer rustig de trainingen te hervatten. Ik had die dag gewerkt en aangezien het vrij goed weer was besloot ik direct na het werk te gaan lopen. Ik begon aan mijn 10 km-rondje, had er redelijk de pas in en kon het niet laten om nog iets te versnellen na een kilometer. Het ging op zich best lekker dus ik besloot te proberen om mijn 10 km-tijd te verbeteren. Dat is gelukt, maar de dagen daarna heb ik wel zere benen gehad. Ambrose gebeld, maar die had die week geen tijd. Dat kwam een beetje vervelend uit, met nog 2 lange duurlopen (30 en 32 km) op het programma.
Blijkbaar heeft carnaval er toch zwaarder ingehakt dan ik in eerste instantie dacht. Het voelt soms alsof de vermoeidheid en de afbraakprodukten van de alcohol zich vooral in mijn benen hebben genesteld. Vandaar dat ik een beetje opzie tegen de 32 km van komend weekend. Maandag neemt Ambrose mijn benen weer onder handen. Misschien, als mijn 32 km niet helemaal naar wens is gegaan, doe ik volgende week nog wel een lange duurloop van boven de 30 km. Met goed gemasseerde benen moet dat een stuk beter lukken. Maar het belangrijkste is misschien nog dat het mijn zelfvertrouwen weer een beetje vergroot. En daarna lekker nog twee weken afbouwen richting 16 april.
Ondanks de slechte benen heb ik de ambitie om mijn tijd van vorig jaar flink te verbeteren. Vorig jaar finishte ik net beneden de 4 uur, dit jaar probeer ik richting de 3 uur 50 te gaan. Maar ik ga (als het weer meezit) er vooral weer van genieten.

dinsdag 22 februari 2011

Aan het bietensap

Een tijdje geleden vertelde iemand me dat het sap van rode bieten een positieve invloed zou hebben op de uithouding. Ik ben dol op rode bietjes maar rode bietensap kende ik niet. Op internet vond ik dat het momenteel een hype is onder duursporters in België. Volgens een aantal wetenschappers kan het uithoudingsvermogen onder invloed van bietensap met zo'n 15% stijgen. Zelfs als dit percentage voor de helft overdreven is zou mijn uithouding op een simpele manier een stuk moeten kunnen verbeteren. Ik heb er even over nagedacht, want ik ben niet zo van de rare sapjes maar uiteindelijk heb ik toch een fles gekocht... en die is intussen voor een heel stuk leeg. Smerig spul is het wel . Na een glas bietensap (in 2 grote slokken) giet ik er gauw een glas water achteraan anders blijf je het proeven.
Mijn abonnement bij de sportschool loopt ook weer bijna af. Daarna ga ik ook doordeweeks weer buiten lopen, maar vandaag ben ik nog eens lekker te keer gegaan op de loopband. De 10x 800 meter stond op mijn planning. Op de Yasso-manier, in mijn geval 800 meter in 3' 40" en dan ook 3'40" rust of wandelen. Er komt dus een redelijke administratie bij, maar die had ik vooraf al op een papiertje gezet. Met een PR van bijna 4 uur op de marathon leek die 3' 40" me al vrij hoog ingezet, maar aan het eind van de rit had ik nog veel energie over. Ik heb er dus nog twee 800 meters aangeplakt, bij de laatste ook nog een klein beetje versneld. Het was dat de sportschool ging sluiten, anders was ik nog even doorgegaan. Zou het bietensap al zo snel zijn werk doen? Het vertrouwen heeft er in elk geval een flinke boost mee gekregen. Nog enkele lange duurlopen de komende weken. Als die goed gaan ga ik eens hardop over een dik PR nadenken...

zondag 13 februari 2011

De goeie kant op

Mijn eerst blog-berichtje dit jaar. Tot nu toe is het er nog niet van gekomen, want veel positiefs viel er niet te melden. Begin dit jaar had ik al eens een lange trage duurloop van 27 km gedaan en op zich ging dat best goed. Daarna heb ik helaas 13 dagen niet getraind. Ik had in januari nogal veel werk op bouwland dat er door veel regen en smeltende sneeuw beroerd bijlag. Daardoor waren de benen 's avonds te leeg om nog te gaan trainen. De Eugene Vink Memorial in Westdorpe ging dus ook niet echt zoals ik gehoopt had. Vorig jaar januari liep ik 1 uur en 12 minuten, in april 1 uur, 4 minuten en 40 seconden. Deze lijn wilde ik graag doortrekken richting de 1 uur. Ondanks mijn slechte voorbereiding en nog niet volledig uitgeruste benen ging ik keihard van start. Het eerste half uur is in training of wedstrijd nooit mijn beste stuk, maar nu ging het als een speer. Gevolg was dat na een half uur de koek ook al een end op was. Uiteindelijk ben ik gefinished in 1 uur en 8 minuten, bijna 4 minuten trager dan vorig jaar in april. Aan de andere kant betekent het ook dat ik op weg naar de marathon van Zeeuws Vlaanderen er beter voor sta dan vorig jaar rond deze tijd.
Deze week heb ik het gevoel gekregen dat ik flink wat progressie aan het maken ben. Maandag had ik weinig tijd dus ik besloot een korte snelle training te doen. Het "rond het kanaal"-rondje (volgens mij een bekend begrip in Westdorpe). Direct na het werk, redelijk wat wind, maar ik vond het weer tijd worden voor een persoonlijk record. Eerste stuk op de Graafjansdijk wind tegen, maar dat was tussen de huizen en zoals ik het inschatte had ik voor de rest alles schuin mee. Eerste tegenvaller: wegwerkzaamheden aan het klein kanaaltje, daardoor moest ik mijn bocht ruimer nemen, deels over rijplaten. Daarna gelukkig wind in de rug dus daar kon ik lekker doorlopen. Mijn hartslagmeter had ik voor de gelegenheid maar eens thuis gelaten, want ik weet toch wel dat die richting 180 gaat. Afslaan naar de Kapittelstraat waar ik dacht de wind nog steeds schuin in de rug te houden, maar dat viel tegen: ik had hem schuin tegen. Toch maar door blijven duwen en thuisgekomen zag ik dat ik toch een PR had neergezet. Net geen 14 km/u zag ik maar ik vond het toch een mooie opsteker.
Vandaag een lange duurloop, ik zou wel zien voor hoe lang. Ik wilde liefst meer dan 25 km lopen, maar ik wist niet of dat er in zou zitten want ik stond op met een beetje rugpijn. Gelukkig had ik daar bij het lopen geen last meer van dus ik ben dik twee en half uur doorgegaan. Bij thuiskomst even nagemeten op Google Earth en ik zag dat ik 28,5 km had gelopen in precies 11 km/u. Dat viel ook goed mee, want ik had verwacht dat ik een stuk trager had gelopen. Als ik dat nog een uurtje langer kan volhouden (moet lukken in april!) dan snoep ik misschien wel 10 minuten van mijn marathontijd af. Laat de lente dus maar komen !!!
Breaking news... Vera heeft ook hardloopschoenen gekocht en is nu zo'n twee weken bezig met een beginnersschema van internet. Morgen moet ze weer... en ze heeft er zin in !!! Zou het hardloopvirus haar ook kunnen besmetten?

maandag 13 december 2010

Winter

Winter, je ontkomt er helaas niet aan. Rond Westdorpe zijn er prachtige polders om in te lopen, maar ze worden niet gestrooid, er ligt vaak veel modder van het landbouwverkeer en ze zijn 's avonds niet verlicht. Aangezien ik doordeweeks meestal op de avonduren ben aangewezen om te lopen heb ik me op 1 december weer gemeld in de sportschool. Ik ben nu weer al enkele weken bezig op de loopband, en het gaat me redelijk af. Alleen mijn grootste probleem manifesteert zich bij trainingen op de loopband nog veel sterker dan buiten: ik kan me zo enorm slecht beheersen. Buiten lukt het me al vrij redelijk om traag te lopen, ik kan het zelfs opbrengen om dat enkele uren na elkaar te doen. Maar binnen... het is verschrikkelijk: na drie kwartier moet het tempo iets omhoog en na een uur moet er nog een tandje bij. Als het eind van de training in zicht komt nog wat versnellen, en nog een beetje, heuveltje erbij, nog een beetje sneller tot ik uiteindelijk niet meer sneller durf (ik ben bang dat ik anders val, want dan word ik tegen de ruit gelanceerd). Tijdens het uitlopen constateer ik wederom dat voor een duurtraining mijn hartslag wel erg hoog is opgelopen en dat mijn shirt ook wel erg bezweet is.
Voor de aanwezige fitnessers moet het wel een vreemde gewaarwording zijn, zo'n Ollander die zich op de band helemaal "het schompes" loopt. De Fitnesser wandelt zelf namelijk enkel op zijn dooie akkertje van toestel naar toestel. Hij drinkt een slokje, kijkt eens in de spiegel, maakt een praatje met een andere fitness-klant (bij voorkeur iemand met minder spiermassa) óf (als de andere fitness-klant van het vrouwelijk geslacht is) neemt een nonchalante pose aan (even stiekem in de spiegel kijken!) waarbij de spieren toch goed worden tentoongesteld en maakt een iets langer praatje. Er wordt uiteraard ook nog even aan de gewichten gesleurd waarna het ritueel (wandeling, spiegel, slokje, praatje) zich herhaalt.
Bovenstaande observaties worden natuurlijk aan het begin van de looptraining gedaan, want aan het eind van de training ziet Ollander voornamelijk zwarte sneeuw en het snot voor ogen. Jammer, want zo kan je jezelf niet in de spiegel zien !?!
O ja, de marathon van Spijkenisse. Die heb ik dus maar aan me voorbij laten gaan, want de voorbereiding was te slecht. Buikgriep, zeven weken aan het snotteren, daarna weer een week niet gelopen... het zou niet goed gekomen zijn. In plaats daarvan nog eens lekker anderhalf uur in de Wachtebeekse bossen gerend. Heerlijk.